Krijg ineens het reclamefilmpje van Kanaal Digitaal in mijn hoofd. Dat zal toch ook al 10 jaar geleden zijn geweest?

Hoe dan ook, het is tijd voor een ode aan digitaal. Vanmorgen appte mijn beste vriend vanuit Berijn, dat hij zonder whatsapp in deze tijd echt door zou draaien. Ben ik het mee eens.

Het is ongelooflijk dat we zo makkelijk contact kunnen hebben met elkaar. Maakt niet uit waar je zit, tenzij je geen WiFi hebt natuurlijk. Als ik ga slapen, leg ik mijn telefoon op zijn kop naast me neer (ja, I know, ik moet een wekker kopen, maar dan hebben we alsnog mijn vriend zijn telefoon in de slaapkamer) en ’s ochtends tik ik alleen even op mijn wekker en leg ik ‘m weer op zijn kop zodat ik het eerste uur in ieder geval niet direct door mijn socials scroll.

Hoe deden we dat vroeger, joh? Ik weet nog dat mijn vader opperde dat hij er niet aan moest denken om een mobiele telefoon te hebben. We spreken hier over 1999. Mijn moeder had haar eerste gsm (met dikke antenne) aangesmeerd gekregen van een vriend van mijn oom en mijn vader vond het vreselijk. Ik vond het fascinerend, maar je kon natuurlijk geen reet met dat ding. Ja, je kon tikken en smsjes van 1 regel sturen? Maar ik vond het heel stoer staan, die telefoon.

Mijn vader vond alleen maar dat mensen niet overal bereikbaar hoefden te zijn. Zolang je geen vitaal beroep hebt of de minister president bent, was het nergens voor nodig om altijd bereikbaar te zijn.

Ik hoef je dan ook eigenlijk niet te zeggen, dat mijn vader nooit een telefoon heeft gehad. Maar hey, nergens voor nodig ook, want hij was toch altijd thuis. Zijn vaste plek in huis was op de bank naast de telefoon, dus ik wist dat, als ik naar huis belde, ik papa aan de telefoon zou krijgen.

Ook weet ik nog dat ik mama hielp met een e-mailadres (ja, deze post gaat over digitaal, niet alleen over de gsm). Een Hotmail-adres. De ruzie die mijn ouders daarover hebben gehad, want papa dacht dat het een porno-website was. Hotmail? Jaja, weet je dat betekent? Jij met je Hotmail. Ik geloof niet dat het email is, je kan me zoveel vertellen. Papa, zal ik het je laten zien? Nee, ik hoef die onzin niet te zien, jij daar op je eiland met je Hotmail.

Ja, mijn vader deed alles vanaf de bank en mijn moeder zat dan aan het bureau aan de andere kant van de woonkamer. Met een draai zat ze aan de eetkamertafel voor het diner, dus papa noemde dat stuk ‘het eiland’.

Maar goed, één van de twee moest enigszins meegaan met de digitale revolutie en dat werd dus mama. Tot op de dag van vandaag, weet mijn moedertje nog steeds niet hoe een smartphone werkt. Je kan haar niet aan haar verstand brengen, dat ik vanuit hier (als ze haar gegevens doorgeeft) haar mails kan doen of iets online kan bestellen, wat vervolgens op haar adres wordt afgeleverd.

Ze snapt het niet. Ook begrijpt ze nog steeds niet hoe we van een normaal telefoongesprek, naar een videocall moeten. Ze denkt dan dat ik weet hoe haar telefoon werkt, want jij hebt verstand van telefoons. Of nog een mooie: jaaaaa en dan klik ik op die naam of foto en belt ‘ie ineens, maar ik wil helemaal niet bellen! Ja, en ik wilde blablabla bellen en nu krijg ik jou. Sas, hoe kan dat? Dan heb je de verkeerde aangeklikt, mama. Nee hoor, ik heb die en die aangeklikt. Wat raar.

Goed, ik dwaal af. Zoals ik al eerder zei: waar waren we geweest als we nu geen digitale connectie met elkaar zouden hebben? Voor mij, als expat, brengt het mijn drie werelden een stuk dichter bij elkaar. Nee, het is absoluut niet hetzelfde als face to face, maar goddank dat we elkaar kunnen appen en mailtjes kunnen sturen.

Dus – ja, dat was ‘m eigenlijk voor vandaag.

Hoera voor digitaal!